Soms lijkt het alsof de natuur alles moeiteloos regelt. Een volk groeit explosief, de dracht komt op gang, de ramen hangen zwaar van het broed en de bijen werken van vroeg in de ochtend tot laat in de avond. Maar iedere imker weet: ook in een goed seizoen gaat niet alles vanzelf.
De afgelopen weken hadden we hier een prachtige verzamelbroedaflegger op twaalf ramen Dadant. Een indrukwekkend volk, sterk opgebouwd en barstensvol leven. De kast zat zó vol bijen dat er ’s avonds complete trossen buiten aan de kast hingen. Zelfs buiten moesten de bijen hun slaapplek zoeken. Dat zijn momenten waarop je als imker geniet. Alles leek perfect te verlopen.
In de kast stonden schitterende doppen. Mooie, lange koninginnencellen waarvan je hoopt dat ze uitgroeien tot sterke, vitale koninginnen voor nieuwe volken. Juist daarom kwam de teleurstelling hard binnen toen bleek dat een serie koninginnencellen getroffen was door het Black Queen Cell Virus.
Dat zijn van die momenten waarop de imkerij je weer met beide benen op de grond zet. Je kunt nog zo zorgvuldig werken, sterke volken opbouwen en perfecte omstandigheden creëren — uiteindelijk blijft de natuur haar eigen weg volgen. Virussen, weersomstandigheden en onzichtbare factoren spelen altijd mee.
Toch hoort ook dit bij het vak en bij de passie voor bijen houden. Imkeren is niet alleen oogsten en genieten van volle honingkamers. Het is ook observeren, leren en soms accepteren dat niet alles lukt zoals gehoopt. Iedere tegenvaller leert ons opnieuw kijken naar onze volken en scherpt onze aandacht voor gezondheid en vitaliteit.
Gelukkig blijft er ondanks zulke tegenslagen ook bewondering overheersen. Want zelfs na een moeilijke periode tonen bijen telkens weer hun enorme veerkracht. Een volk herpakt zich, bouwt verder en verrast je vaak sneller dan je denkt.
Misschien is dat juist wat imkeren zo bijzonder maakt: de combinatie van succes en onzekerheid, van controle en loslaten. De bijen herinneren ons eraan dat we samenwerken met de natuur — niet dat we haar volledig kunnen sturen.
En morgen? Dan staan we gewoon weer tussen de kasten. Kijkend, luisterend en lerend. Zoals altijd.
Wat is Black Queen Cell Virus?
Black Queen Cell Virus, vaak afgekort als BQCV, is een virusziekte die vooral koninginnenlarven en koninginnenpoppen aantast. Het virus dankt zijn naam aan het typische verschijnsel waarbij koninginnencellen donkerbruin tot zwart verkleuren en uiteindelijk afsterven.
Voor een imker is dat extra pijnlijk, omdat juist de toekomstige koninginnen verloren gaan. Een volk kan hierdoor moeite krijgen om zich te vernieuwen of om succesvol nieuwe koninginnen op te kweken.
Hoe herken je het?
Bij besmette koninginnencellen zie je vaak:
- donkere of zwarte verkleuring van de doppen;
- afgestorven larven of poppen in de koninginnencel;
- ingedroogde of slijmerige inhoud;
- doppen die vroegtijdig worden opengebeten of verwijderd;
- een serie koninginnencellen die plots mislukt terwijl het volk verder sterk oogt.
Juist dat laatste maakt het verraderlijk: een volk kan enorm krachtig lijken — zoals een volle verzamelbroedaflegger met veel jonge bijen — en toch getroffen worden door BQCV.
Hoe ontstaat het?
Het virus is wereldwijd aanwezig bij honingbijen en komt vaak in lage concentraties voor zonder direct problemen te geven. Pas wanneer de omstandigheden ongunstig worden, kan het uitbreken.
Belangrijke oorzaken en risicofactoren zijn:
Stress in het volk
Te Sterke drukte, veel broed, wisselende weersomstandigheden of intensief koninginnen kweken kunnen stress veroorzaken. Een volk dat “op spanning” staat, is gevoeliger voor virusproblemen.
Hoge besmettingsdruk
BQCV verspreidt zich via:
- voedersap;
- contact tussen bijen;
- besmet materiaal;
- roverij en vervliegen;
- soms via besmette koninginnen.
Zwakke weerstand
Wanneer bijen verzwakt zijn door andere problemen, krijgt het virus meer kans.
Relatie met Nosema
Er is een sterke link tussen BQCV en Nosema. Volken met Nosema-infecties blijken gevoeliger voor uitbraken van Black Queen Cell Virus. Nosema tast de darmgezondheid en weerstand van de bijen aan, waardoor virussen makkelijker toeslaan.
Wat kun je eraan doen?
Een echt geneesmiddel tegen virussen bij bijen bestaat niet. De aanpak draait vooral om het versterken van de volken en het verminderen van stress en besmettingsdruk.
Zorg voor sterke, vitale volken
vermijd onnodige stress tijdens koninginnenteelt.
werk met jonge, goed leggende koninginnen;
voorkom langdurige voedseltekorten;
zorg voor voldoende ventilatie en ruimte;

